Resultaten Enquête Gebruik van Infrarood Thermografie voor Inspectie van Elektrische Borden

Blogs

Infrarood thermografie is voor veel technische diensten intussen een vaste waarde in het onderhoudsprogramma. Maar hoe wordt de techniek vandaag écht gebruikt in het veld? Om dat beter te begrijpen organiseerde BEMAS in januari 2025 een korte enquête bij 21 technische professionals uit hoofdzakelijk industriële bedrijven.

De respondenten komen vooral uit grote organisaties in de proces- en maakindustrie (o.a. chemie en voeding). De resultaten geven dus een goed beeld van hoe infraroodinspecties in een “echte” industriële context worden toegepast.

Download het volledige rapport onderaan deze pagina.

1. IR-thermografie is bijna standaardpraktijk

  • 19 van de 21 respondenten gebruiken infrarood thermografie voor hun elektrische borden (ongeveer 90%).
  • De kleine minderheid die de techniek nog niet toepast, geeft vooral praktische redenen aan: beperkte capaciteit of het feit dat de implementatie nog in voorbereiding is – niet zozeer twijfel over de meerwaarde.

Welke borden komen in aanmerking?
Technisch managers geven aan dat ze vooral:

  • borden met hoge stroomdoorgang
  • bedrijfskritieke borden voor productiecontinuïteit
  • borden met een veiligheidskritische functie

opnemen in hun IR-programma. Een kleinere groep kiest voor een volledige dekking en laat alle borden periodiek scannen om niets te missen.

Frequentie & uitvoerders

Uit de antwoorden blijkt:

  • Voor de meeste bedrijven is jaarlijks scannen de norm.
  • Enkele gaan halfjaarlijks of maandelijks meten.
  • Eén case springt eruit met om de twee weken inspecties op zeer kritieke installaties.

Wie voert dat uit?

  • 5 van de 19 IR-gebruikers: vooral interne medewerkers (opgeleide technici).
  • 6 van de 19: een externe condition monitoring specialist.
  • 8 van de 19: een erkend keuringsorganisme, vaak gekoppeld aan verzekering of wettelijke keuring.

Heel wat bedrijven combineren deze opties: intern voor tussentijdse scans, extern voor de jaarlijkse “officiële” rapportage.

2. Grootste uitdagingen: toegankelijkheid en veiligheid

Respondenten noemen twee thema’s telkens opnieuw:

  1. Toegankelijkheid
    • Moderne borden zijn vaak sterk gecompartimenteerd of afgeschermd.
    • Belangrijke componenten zitten achter plexi of schotten, waardoor hotspots niet altijd zichtbaar zijn.
    • Soms moeten afschermingen verwijderd worden, wat extra tijd én risico meebrengt.
  2. Veilig werken aan installaties onder spanning
    • Infraroodmetingen moeten gebeuren bij voldoende belasting; een bord dat uit staat, zegt thermisch weinig.
    • Technici werken dus aan een geopend, onder spanning staand bord – dat vraagt zeer strikte procedures om risico’s op schok of arc flash te beheersen.

Daarnaast zijn er operationele beperkingen: metingen moeten vaak net gepland worden wanneer de installatie in bedrijf is, bijvoorbeeld tijdens piekbelasting of zelfs “onderweg” (bv. aan boord van schepen).

3. Hoe pakken bedrijven veiligheid aan?

De enquête onderscheidt laagspannings- en hoogspanningsborden.

Bij laagspanning (typisch < 1000 V) zetten IR-gebruikers vooral in op:

  • een werkvergunning of formele toelating
  • het dragen van PBM (veiligheidsbril, vlamvertragende kledij, handschoenen, helm)
  • training voor de gebruiker van de IR-camera
  • een voorafgaande risicoanalyse

Opvallend: LOTO (spanningsloos zetten en vergrendelen) wordt logischerwijs niet toegepast tijdens de meting zelf – zonder spanning geen bruikbaar thermisch beeld.

Bij hoogspanning wordt dezelfde logica gevolgd, maar dan strenger:

  • veilige afstand houden en werkvergunning zijn zo goed als universeel
  • er wordt vaker gewerkt met geïsoleerde handschoenen, speciaal schoeisel, helm met vizier en duidelijk BA4/BA5-gekwalificeerd personeel
  • een minderheid gebruikt IR-inspectievensters in de kast, zodat die gesloten kan blijven tijdens de meting – vooral bij kritieke HV-panelen

De grafieken in het volledige rapport tonen mooi hoe vaak elke maatregel wordt toegepast voor laag- en hoogspanning.

4. Wettelijk kader en rol van verzekeraars

In België is een thermografische inspectie van elektrische installaties niet wettelijk verplicht. Wel:

  • Hoogspanningsinstallaties moeten jaarlijks gekeurd worden door een erkend organisme.
  • Laagspanningsinstallaties moeten om de vijf jaar geïnspecteerd worden.

Verzekeraars beschouwen een infraroodinspectie vaak als voorwaarde in het kader van de jaarlijkse controle. In de praktijk wordt thermografie zo een belangrijke bouwsteen in het veiligheids- en risicobeheer.

5. Wat betekenen de resultaten voor technisch managers?

Op basis van de enquête kunnen we een aantal concrete aanbevelingen formuleren:

  • Focus op kritieke borden
    Begin met hoogspannings- en hoofdverdelers, zwaarbelaste borden en panelen met kritische veiligheids- of procesfunctie.
  • Plan inspecties op representatieve belasting
    Zorg dat tijdens de meting voldoende stroom door de installatie loopt om relevante hotspots te zien.
  • Kies een passende frequentie
    Jaarlijks als minimum, hogere frequentie voor zeer kritieke of probleemgevoelige installaties.
  • Combineer interne en externe expertise
    Opgeleide interne thermografen geven flexibiliteit; externe partijen zorgen voor objectieve rapportage en voldoen aan keurings- en verzekeringsverwachtingen.
  • Veranker veiligheid in een specifieke IR-procedure
    Denk aan werkvergunning, PBM, risicobeoordeling, minimale bezetting en duidelijke bevoegdheden.
  • Denk “IR-vriendelijk” bij ontwerp en retrofit
    Overweeg IR-vensters en een opbouw die thermografische inspectie toelaat zonder onnodige risico’s.
  • Zorg voor opvolging van bevindingen
    Hotspots moeten leiden tot acties in het onderhoudsplan (aansluitingen bijstellen, componenten vervangen, belasting herverdelen, …).

Het volledige rapport bekijken

BEMAS Corporate Sponsors